Nationaal verkeers- en vervoersplan

Alphen aan den Rijn, 17 oktober 2000, door onze redactie

De minister van Verkeer en Waterstaat heeft onder het thema: "Nationaal Verkeers-  en Vervoersplan: Van A naar Beter" het NVVP gepresenteerd. Hieronder een samenvatting, met vooral natuurlijk het oog op geluidhinder.

Kernwoorden van het nieuwe NVVP zijn: 

ruimtereservering en beter benutten

De aanleg van infrastructuur in de vorm van geheel nieuwe tracés ligt steeds minder voor de hand vanwege de kosten, de versnippering van het landschap, en het gebrek aan maatschappelijk draagvlak. De uitbreiding van capaciteit zal zoveel mogelijk binnen de bestaande netwerken worden gezocht. Het NVVP spreekt over de instelling van vrijwaringszones, waarmee ruimte behouden wordt voor de oplossing van toekomstige knelpunten. Dit schept mogelijkheden voor een goede inpassing van de infrastructuur, houdt de mogelijkheid open voor bundeling van infrastructuur met andere functies, vermindert en/of voorkomt conflicterende functies vanuit milieuoptiek (geluid, externe veiligheid en lokale luchtkwaliteit) en levert een bijdrage aan de veiligheid.

spitstarief en gebruiksheffing

Een spitstarief is een stimulans om een gedeelte van de vraag naar een rustigere periode te verschuiven, aldus het NVVP. De verwachting is dat één op acht à tien spitsrijders door de invoering van een spitstarief voor andere opties zal kiezen. Wat de minister niet aanstipt, is dat deze verschuiving de geluidhinder op andere gedeelten van de dag, bijvoorbeeld het begin van de avond, kan doen toenemen. Eerder zijn in dit tijdschrift ideeën geopperd om geluid te bestrijden met rekeningrijden. Ook bij de gebruiksheffing voor het spoorvervoer wordt door de minister nog niet gedacht aan een heffing die afhankelijk van de geluidproductie zou kunnen zijn.

leefbaarheid

Maar ook wordt gedacht aan de leefbaarheid. Volgens het persbericht van het ministerie plan wordt de leefbaarheid in steden en dorpen beter. Uitbreiding van infrastructuur legt een steeds groter beslag op de ruimte, en het verkeer heeft negatieve invloed op de gezondheid van het individu als gevolg van onder andere geluidshinder. Een belangrijk aandachtspunt voor het verbeteren van de leefbaarheid is dan ook het terugbrengen van de geluidshinder. De eerste inzet is om auto's, treinen en vliegtuigen door technische innovaties stiller te krijgen. Daarnaast kunnen wegbeheerders maatregelen nemen om wegen stiller te maken door het gebruik van .stil asfalt. en het bouwen van geluidsschermen. Er wordt een programma opgezet om nieuwe en bestaande kennis en maatregelen te testen in de Nederlandse situatie. 

 
Citaat uit NVVP, paragraaf 5.1.2 Geluidshinder 

Het verkeer is verantwoordelijk voor ruim 40% van de geluidshinder. Daarbij geeft geluidshinder in een aantal gevallen aanleiding tot slaapverstoring. De Milieuverkenning-5 van het RIVM geeft aan dat in 2010, zonder extra maatregelen, het percentage inwoners, blootgesteld aan een extra geluidsbelasting van 65 dB(A) tengevolge van het wegverkeer, met 40% zal toenemen ten opzichte van 1995. Voor railverkeer wordt in dezelfde periode een stijging van de geluidshinder met 25% verwacht. De economische en maatschappelijke ontwikkelingen van de komende jaren hebben een grote groei van het verkeer tot gevolg, ook in de nachtelijke uren. Het tenietdoen van de negatieve consequenties van deze ontwikkeling kost steeds meer moeite. Alleen traditionele oplossingen, zoals geluidsschermen, lijken op den duur niet meer adequaat. Ze zouden talrijker en hoger moeten worden. Nu al worden ze vaak als lelijk ervaren. Alle betrokkenen zullen de komende jaren dan ook een grote inspanning moeten leveren om deze problematiek te lijf te gaan. Daarbij zullen keuzes gemaakt moeten worden, ook in financieel opzicht.

De rijksoverheid zal de komende jaren alles in het werk stellen om innovatieve oplossingen te zoeken voor de geluidsproblematiek. Er is niet één wondermiddel; een combinatie van slimme maatregelen zal het werk moeten doen. De overheden streven er actief naar dat bij aanpassingen state of the art - technologie wordt toegepast wat betreft stille technieken, voor zowel voertuigen als infrastructuur. Daarbij is kosteneffectiviteit natuurlijk een belangrijk criterium. Daarom verdienen bij spoorverkeer voertuigmaatregelen de voorkeur, naast de vervanging van de meest lawaaiige stalen spoorbruggen.

De rijksoverheid zet zich in voor snelle vaststelling van internationale eisen aan voertuigen, met name (vracht)auto's en goederenwagons. Bij wegverkeer gaat het hierbij niet alleen om het geluid van motoren, maar vooral om dat van banden. In 2000 komt een EU-richtlijn uit die geluidseisen stelt aan banden. In de conceptrichtlijn is vastgelegd dat de Europese Commissie nieuwe voorstellen zal indienen voor aanscherping. Er is in potentie veel geluidswinst te halen met stille banden. Nederland zal zich hier zeer actief voor inzetten. Voor goederenwagons liggen er mogelijkheden bij bijvoorbeeld nieuwe remsystemen. De handhaving van bestaande voertuigregels wordt ook verscherpt. Daarbij kan gedacht worden aan de aanpak van opgevoerde brommers, die veel geluidsoverlast en luchtverontreiniging geven. Na invoering van een bromfietskenteken kan een keuring op deze punten worden ontwikkeld. Daarnaast bieden verkeersmaatregelen als snelheidsverlagingen gedurende de nacht of omleidingen lokaal soelaas. Zowel in steden als in landelijk gebied kunnen door concentratie van verkeer op hoofdwegen andere gebieden worden ontlast.

Maar deze maatregelen hebben onvoldoende effect. Op een groot aantal plaatsen in Nederland zullen extra maatregelen genomen moeten worden om het geluid in de omgeving van de weg en het spoor tot het gewenste niveau terug te brengen. Vrijwaringszones van 50 tot 75 meter naast infrastructuur zijn daarbij erg belangrijk. Uit oogpunt van veiligheid en verbetering van lokale luchtkwaliteit zijn vrijwaringszones eveneens gewenst.

Ook de toepassing van stil wegdek draagt bij aan een oplossing. Voor zowel hoofdwegen, provinciale als stedelijke wegen worden nieuwe, wegdektypen ontwikkeld, zoals dubbellaags zeer open asfaltbeton (DZOAB), met een potentie voor grotere geluidsreductie. Naar verwachting wordt hiermee een reductie van circa twee decibel bereikt ten opzichte van (enkellaags) ZOAB. Uit praktijkproeven moet blijken hoe deze typen in functionele en technische levensduur, kosteneffectiviteit en veiligheidsaspecten (vooral het gedrag bij vorst en ijzel) scoren ten opzichte van ZOAB. Op het moment dat dubbellaags ZOAB beter scoort, zal het als state of the art worden toegepast in geluidsgevoelige gebieden, uiteraard waar dit kosteneffectief is. Voor het spoor worden bij vervanging en aanleg van baanvakken en bruggen nu al stillere materialen toegepast. Voor de vervanging van de meest lawaaiige stalen spoorbruggen is voor de periode 2002-2010 reeds een budgettaire reservering gedaan. Bij het onderhoud worden nieuwe methodes als slijpen en sproeien gebruikt om het spoor stiller te maken. Voor spoorwegemplacementen is door de betrokken partijen een gezamenlijk project gestart om de geluidshinder terug te dringen, waarbij zowel de bronmaatregelen als de ruimtelijke en verkeerskundige maatregelen worden bezien.

Bovengenoemde maatregelen vergen inspanningen van alle actoren: industrie, gemeenten, provincies en rijk. Ze zullen een belangrijke stap vormen in het doorbreken van de trend naar steeds meer ernstig geluidsgehinderden. Daarnaast zal een programma van onderzoek en praktijkexperimenten innovatieve oplossingen voor de geluidsproblematiek moeten genereren. Op de lange termijn kan bijvoorbeeld worden gedacht aan anti-geluid.

Op het gebied van de luchtvaart worden - in het kader van de besluitvorming over Schiphol - voor de periode vanaf 2003 nieuwe milieunormen ontwikkeld. Daarbij zal ook een overgang plaatsvinden van de huidige maat voor geluid (Ke) naar een nieuwe maat (Lden). De sector zal zelf verantwoordelijk worden voor het hanteren van de milieugrenzen. De handhaving hiervan zal strikter dan voorheen gaan plaatsvinden en gebaseerd zijn op een aantal meetpunten. Aanscherping van geluidseisen voor vliegtuigen heeft op lange termijn effect. Internationaal overleg richt zich op uitfasering van vliegtuigen met oude technologie, aanscherping van geluidseisen, operationele verbeteringen van de milieudruk van vliegtuigen, waaronder verbetering van start- en naderingsprocedures van luchthavens en verbeterde luchtverkeersleidingssystemen voor een optimaler routegebruik. In de planologische kernbeslissing over het Structuurschema Regionale en Kleinere Luchthavens zal verdere stijging van de geluidsbelasting op de regionale velden en kleine luchtvaartterreinen worden uitgesloten.

agenda

Het ministerie heeft een aantal agenda- en actiepunten in het NVVP opgenomen voor leefbaarheid. Hieronder de punten die op geluid betrekking hebben.

Citaten uit NVVP, bijlage C

Agenda

  • Het rijk wil op Europees niveau de typekeuringseisen voor personenauto's en vrachtwagens aanscherpen door het verbeteren van testprocedures en het voorschrijven van stillere banden.
  • Het rijk zet zich actief in voor de totstandkoming van een aangescherpte 'hoofdstuk 4'-geluidstandaard in ICAO inclusief uitfasering van de lawaaiigste vliegtuigtypes in de 'hoofdstuk 3'-klasse. Gestreefd wordt naar besluitvorming in de ICAO-assembly van september 2001. Hierbij vindt intensieve afstemming in EU-kader plaats. Bij voldoende resultaat kan dit pakket mogelijk de omstreden EU-hushkitregeling vervangen.
  • Het rijk zet zich in voor aanscherping van de EU-normstelling voor bromfietsen en motoren, met name wat betreft VOS en geluid.

Actie

  • Ten behoeve van de leefbaarheid worden voor het spoorvervoer stimulerende maatregelen genomen en wordt normering ontwikkeld in het kader van TOEP. TOEP staat voor: Technologie (stimuleren/implementeren van stille technologie (bijv. ICES-project Stiller Treinverkeer) Overgangsregeling (subsidieregeling tbv milieu-investeringen en voorbeeldprojecten (op beperkte schaal)). Emissie-eisen aan materieel (teneinde aanschaf en gebruik van stil materieel door de vervoerders af te dwingen; in ontwikkeling zijn: een stelsel van emissie-eisen, gebruiksregels en een voorstel tot uitfasering van lawaaiig materieel. Plafonds (emissieplafonds als normering van de infrastructuur)
  • V&W voert praktijkexperimenten uit met stille wegdekken op het HWN, waaronder dubbellaags ZOAB. Proeven met stille wegdekken voor gemeentelijke en provinciale wegen worden financieel gestimuleerd door VROM.
  • De akoestische kwaliteit van het wegdek zal door de wegbeheerder door regelmatig onderhoud en beheer gewaarborgd worden.
  • Het rijk stelt harde en handhaafbare milieugrenzen aan de luchtvaart.

Onderzoek

  • Het rijk start een studie naar nieuwe oplossingen voor geluidsoverlast van weg en rail, zowel in de stedelijke als de landelijke omgeving. Een geïntegreerde vormgeving en inpassing van routes wordt daarbij betrokken.

budget

In het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport (MIT) staat voor de komende tien jaar een totaalbedrag van 82 miljard gepland aan investeringen in de infrastructuur. 35 procent daarvan is bestemd voor wegen. De extra inspanningen in het kader van het Bereikbaarheidsoffensief Randstad zitten daar in. Dit pakket verbetert de capaciteit in ieder geval tot 2010.

Bron: De volledige tekst van NVVP (131 bladzijden, 525 Kb excl. kaarten) is te downloaden vanaf de website van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Dan kunt u meer lezen over bijvoorbeeld fietsbeleid en decentralisatie

...home