Surfers toejuichen naast klooster: ruimtelijke uitdaging

Daniëlla Nijman (Holla Advocaten), 27 november 2017

De gemeente Rotterdam wil medewerking verlenen aan een sportief project in de binnenstad: Rif010. Het project houdt in dat een deel van de Steigersgracht wordt afgesloten en omgevormd tot een watersportgebied met een kunstmatig rif. De nadruk komt te liggen op surfen. Ook wordt er een strandhuis gerealiseerd en horeca met een buitenterras. De gemeente Rotterdam heeft een subsidie van € 3.000.000,-- ter beschikking gesteld.

De ligging in de binnenstad zorgt voor enkele ruimtelijke uitdagingen. In de directe nabijheid bevinden zich woningen, maar ook de kerk en het klooster van de Dominicanen. Zij vrezen voor onaanvaardbare geluidoverlast en vinden de verschillende functies niet verenigbaar.

De kwestie is al in beroep behandeld door de rechtbank. De rechtbank heeft de vergunning om meerdere redenen vernietigd. De Raad van State houdt er op onderdelen een andere benadering op na.

Extra bescherming kerk en klooster nodig?

Volgens de rechtbank zou het surfproject een substantiële negatieve invloed hebben op de beleving van de kerk en het klooster van de Dominicanen en bovenmatig afbreuk kunnen doen aan de daaraan verbonden rust en ingetogenheid. Ook de gebruikelijke bezinning bij uitvaarten zou volgens de rechtbank verstoord kunnen worden. Denk bijvoorbeeld aan toeschouwers op de kade die luid joelend de watersporters aanmoedigen.

De Afdeling is daar makkelijker in. Het college heeft gesteld dat in de binnenstad van Rotterdam sprake is van aanvaardbare geluidniveaus indien binnen geluidgevoelige ruimten een binnenwaarde van ten hoogste 35 dB(A) is gewaarborgd. Die norm is van toepassing op zowel woningen als andere gebouwen. Het college ziet geen reden om een andere norm te hanteren voor de kerk en het klooster, enkel vanwege het religieuze karakter. Uit akoestisch onderzoek blijkt bovendien dat het binnenniveau in de kerk niet meer zal zijn dan 31 dB(A), inclusief stemgeluid. De Afdeling vindt deze redenering niet onredelijk.

Wel vindt de Afdeling het nodig dat er een voorwaarde aan de vergunning wordt verbonden, om zeker te stellen dat er geen activiteiten in het water plaatsvinden bij aangekondigde uitvaarten.

Maatwerkvoorschrift voor overschrijding normen Activiteitenbesluit

Het watersportgebied is een inrichting waarvoor de geluidgrenswaarden uit artikel 2.17 van het Activiteitenbesluit gelden. De grenswaarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau zullen op de gevel van een aantal woningen worden overschreden. Het college heeft een maatwerkvoorschrift vastgesteld om deze hogere geluidbelasting toe te staan. Ook hier is de gedachte van het college dat de geluidbelasting aanvaardbaar is zolang een binnenniveau van 35 dB(A) kan worden gegarandeerd.

Stemgeluid

Het stemgeluid van bezoekers op het buitenterras en in het water blijft buiten beschouwing voor de toetsing aan het Activiteitenbesluit. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is dit wel onderzocht. Volgens het college zou ook met het stemgeluid erbij de binnenwaarde van 35 dB(A) kunnen worden gehaald, mits bij een aantal woningen de geluidwering wordt verbeterd. Via de voorschriften van de vergunning wordt deze verplichting bij de initiatiefnemer neergelegd.

Bij de rechtbank is een stevig robbertje gediscussieerd over het stemgeluid van bezoekers. Het akoestisch onderzoek gaat namelijk uit van de veronderstelling dat mensen niet schreeuwen maar roepen, waardoor met een lager bronniveau is gerekend en een lager percentage bezoekers dat tegelijk lawaai maakt. De exploitant van het project zou moeten ingrijpen om schreeuwende mensen tot de orde te roepen. De rechtbank geloofde niet in de effectiviteit van deze maatregel. De Afdeling acht het daarentegen aannemelijk dat de exploitant roepende en schreeuwende mensen op het buitenterras en in het water voldoende kan corrigeren om een overschrijding van een binnenniveau van 35 dB(A) te voorkomen.

Tot zover heeft het college succes in hoger beroep, maar de eindstreep wordt niet gehaald. Bij de beoordeling van het stemgeluid is namelijk geen rekening gehouden met het stemgeluid van toeschouwers op de kade van de Steigersgracht. Dat is buiten de grenzen van de inrichting, maar wel relevant voor de goede ruimtelijke ordening.

Nieuw besluit

Hangende de beroepsprocedure heeft het college een nieuw besluit genomen. Er is netjes een verbod opgenomen op activiteiten in het water tijdens uitvaartmissen die drie dagen van te voren zijn aangekondigd. Ook is het stemgeluid van toeschouwers op de Steigersgracht meegenomen in het akoestisch onderzoek. Nieuw is dat het buitenterras bij het horecagedeelte zal worden voorzien van een overkapping.

Overkapping in strijd met welstandsbeleid

Hoewel deze overkapping de geluidproblemen voor een belangrijk deel oplost, roept het college daarmee andere juridische discussies over zich af. Wat blijkt: er ligt een negatief advies van de Commissie voor Welstand en Monumenten. Deze commissie vindt dat de overkapping tot een onaanvaardbaar verlies van zicht op de singelstructuur en het water leidt. Het college heeft de vergunning in afwijking van dat advies verleend, omdat het terugbrengen van de geluidbelasting belangrijker zou zijn.

De Afdeling vindt dat het college te gemakkelijk van het negatieve advies is afgeweken. Het college heeft niet inzichtelijk gemaakt waarom een overkapping noodzakelijk is en niet op een andere manier een vergelijkbaar resultaat bereikt kan worden. Ik leid uit de afspraak uit dat het aanbieden van extra geluidwerende maatregelen aan de gevels van de woningen is geschrapt nu het plan is om een overkapping te realiseren. De Afdeling lijkt meer in de extra gevelmaatregelen te zien, als dan het zicht op de naoorlogse kademuren behouden kan blijven. Het nieuwe besluit wordt daarom alsnog vernietigd en het college mag opnieuw aan de slag.

Gaat het derde besluit wel stand houden? De Afdeling helpt de procedure een handje door te bepalen dat in de volgende ronde de rechtbank mag worden overgeslagen en rechtstreeks beroep bij de Afdeling kan worden ingesteld. Dat scheelt weer een jaar proceduretijd. We zullen in de gaten houden hoe dit afloopt!

Bron: Raad van State, ABRvS 25 oktober 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2904