|
Overzicht jurisprudentie november 2017 |
|
Daniëlla Nijman (Holla Advocaten), 27 november 2017 Ruimtelijke ordening Woningbouw naast industrieterrein DSM Delft: ABRvS 8 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3051 DSM is eigenaar van een gezoneerd industrieterrein waar bedrijven zijn gevestigd van milieucategorie 3 en hoger. De gemeente stelt een bestemmingsplan vast dat op korte afstand de bouw van 3400 woningen mogelijk maakt. Deels gebeurt dit door nader uit te werken bestemmingen. DSM vreest voor beperkingen in de bestaande bedrijfsvoering en uitbreidingsmogelijkheden op haar terrein. De woningbouw vindt deels binnen en deels buiten de geluidzone van het industrieterrein plaats. Een belangrijke vraag die aan de orde komt is hoe moet worden omgegaan met hoogbouw buiten de geluidzone. Het uitgangspunt is dat de geluidbelasting buiten de geluidzone rond een industrieterrein niet hoger is dan 50 dB(A). DSM voert aan dat de geluidcontour wordt vastgesteld op een standaard waarneemhoogte van 5 meter, waardoor niet is geborgd dat de geluidbelasting op hoger gelegen etages onder de 50 dB(A) blijft. Naarmate hoger wordt gebouwd neemt de geluidbelasting op hoger gelegen etages immers toe. De Afdeling bevestigt het uitgangspunt dat de systematiek van de Wet geluidhinder ervan uitgaat dat de geluidbelasting buiten de geluidzone niet hoger is dan 50 dB(A). Dat dit op hogere etages anders kan zijn wil niet zeggen dat het plan in strijd is met de Wet geluidhinder. Wel moet in het kader van een goede ruimtelijke ordening worden beoordeeld of de geluidbelasting aanvaardbaar is. De mate waarin dit onderzoek moet plaatsvinden bij de vaststelling van het bestemmingsplan, hangt ervan af of de woningbouw rechtstreeks mogelijk is gemaakt, of dat het een uit te werken bestemming betreft. Voor de rechtstreekse bouwtitels oordeelt de Afdeling dat er ten onrechte niet is onderzocht of de geluidbelasting beperkt blijft tot het volgens de raad aanvaardbare niveau van 50 dB(A) en of er waarborgen nodig zijn in de planregels. Het plan is in zoverre onzorgvuldig voorbereid. Voor de uit te werken bestemmingen is de raad soepeler. Er zijn namelijk verschillende invullingen van het plangebied denkbaar. Niet iedere denkbare uitwerking hoeft bij de vaststelling van het moederplan te worden onderzocht. Het gaat er vooral om dat er een uitwerking mogelijk is die in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Dat is niet op voorhand uitgesloten. Het vaststellen van hogere waarden is niet volgens de regels der kunst gebeurd. DSM betwijfelt of deze überhaupt zijn vastgesteld. De raad heeft een besluit overgelegd, maar dat is ongedateerd zodat niet is vast te stellen of en zo ja wanneer dit besluit ook daadwerkelijk is genomen. Ook is er geen onderzoek gedaan naar de cumulatie van geluidbelasting, terwijl een deel van de woonbestemming in meerdere geluidzones ligt. Het onderzoek dat tijdens de procedure nog is ingediend kan dit gebrek niet herstellen. Er namelijk uitgegaan van een voorgenomen verkaveling en niet van de maximale planologische mogelijkheden. Het voert te ver om alle details hier te beschrijven. De integrale uitspraak is lezenswaardig voor degenen die zich bezighouden met ruimtelijke ontwikkelingen in de buurt van een gezoneerd industrieterrein, zowel binnen als buiten de geluidzone. Vooruitlopen op maatwerkvoorschrift Gennep: ABRvS 8 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3001 De exploitant van een bedrijf met groothandels- en detailhandelsactiviteiten wil deze van elkaar gaan scheiden. De groothandel voor bouwmaterialen, keuken- en sanitairverkoop wordt verplaatst naar een nieuw perceel. Het bestaande perceel wordt opnieuw ingericht en vergroot, in combinatie met de realisatie van een nieuw bedrijfsgebouw. Appellant stelt dat er sprake is van onaanvaardbare geluidsoverlast. In de nachtperiode zal er ter plaatse van zijn woning een overschrijding van de grenswaarde voor het piekgeluid plaatsvinden. Vanwege het vertrek van één vrachtwagen in de nachtperiode wordt het maximale geluidsniveau van 60 dB(A) met 1 dB(A) overschreden. De gemeenteraad is voornemens deze overschrijding met een maatwerkvoorschrift toe te staan. In deze rubriek is al vaker ingegaan op de mogelijkheid om bij de vaststelling van het bestemmingsplan vooruit te lopen op nog vast te stellen maatwerkvoorschriften. Er moet dan wel een voortoets worden gedaan naar de haalbaarheid en juridische houdbaarheid van dat maatwerkvoorschrift. Zoals de Afdeling ook hier benadrukt, betekent de enkele mogelijkheid om een maatwerkvoorschrift vast te stellen niet zonder meer dat er dan ook een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is gegarandeerd. Om de houdbaarheid te onderbouwen verwijst het bevoegd gezag naar de ligging van de woning op het kruisingsvlak van enkele drukke doorgaande wegen. Het is aannemelijk dat ten gevolg van het verkeer daar al veel frequenter pieken zullen optreden en mogelijk ook pieken met een hoger niveau dan 61 dB(A). Daardoor zal de eenmalige piek als gevolg van de vertrekkende vrachtauto minder hinderlijk en herkenbaar worden ervaren. De overschrijding kan ook worden beperkt door rustig rijgedrag, hetgeen ook via een maatwerkvoorschrift kan worden geëffectueerd. Om dit te realiseren kunnen gedragsregels opgesteld worden en zal voorlichting aan het personeel worden gegeven. Aanvullend kunnen op het terrein van de inrichting borden met een maximum rijsnelheid van 10 km/uur worden geplaatst. Al met al is deze motivering voor de Afdeling voldoende. Niettemin gaat het bestemmingsplan onderuit, omdat de milieugevolgen van de opgenomen afwijkings- en wijzigingsbevoegdheden niet zijn onderzocht. Natuurpoort De Maashorst: ABRvS 8 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3040 De gemeente Landerd wil een nieuwe entree realiseren naar het natuurgebied De Maashorst. Naast parkeergelegenheid voorziet het plan in recreatieve voorzieningen, horeca, educatiemogelijkheden, kleinschalige verblijfsrecreatie en een uitkijktoren. De exploitanten van een natuurcamping en een recreatieoord nabij de voorziene natuurpoort komen op tegen deze plannen. Zij stellen dat het plan leidt tot een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat op hun percelen en waardedaling daarvan. De bezwaren worden deels gepasseerd onder verwijzing naar de richtafstanden uit de VNG-brochure. Daar wordt aan voldaan. Ook kan de voorziene horeca-inrichting voldoen aan de normen van het Activiteitenbesluit. Het gaat mis bij de afstand tot de natuurcamping. Het plan staat er namelijk niet aan in de weg dat aan de zijde van het plangebied dat direct grenst aan het kampeerterrein terrassen worden geëxploiteerd of een parkeerplaats wordt aangelegd. Dat een kampeerterrein geen geluidgevoelig object is in de milieuwetgeving, betekent niet dat de kampeerplaatsen in het geheel geen bescherming tegen geluidhinder toekomen. Omdat nachtverblijf is toegestaan, is er sprake van een situatie waarin met een zekere regelmaat en gedurende langere tijd personen zullen verblijven op het parkeerterrein. Volgens de exploitant zijn stilte, rust, donkerheid en privacy kernwaarden. In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet de aanvaardbaarheid nader worden onderbouwd. Het bestemmingsplan staat ook evenementen toe. De enige beperking in de planregels is dat de duur van het evenement is begrensd tot maximaal zeven aaneengesloten dagen. Een afweging over het aantal toegelaten evenementen per jaar ontbreekt. Ook is onduidelijk hoe met evenementen in de avond- en nachtperiode wordt omgegaan. Dit moet nader worden onderzocht en onderbouwd. Dat er in de bestaande situatie al evenementen worden gehouden maakt geen verschil. Het plan voorziet immers in nieuwe gebruiksmogelijkheden dichterbij het kampeerterrein. Supermarkt Oostburg: ABRvS 8 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3004 Het bestemmingsplan voorziet in een vierde supermarkt in Oostburg, waarvoor ook direct een omgevingsvergunning wordt verleend met toepassing van de coördinatieregeling. Omwonenden komen op tegen dit plan vanwege de geluidhinder van het laden en lossen. Dit zou volgens het akoestisch rapport achter een geluiddicht scherm moeten gebeuren, maar dat is niet juridisch verzekerd. De gemeente ziet in dat de omwonenden gelijk hebben en verzoekt de Afdeling om een voorschrift aan de omgevingsvergunning te verbinden waardoor laden en lossen alleen is toegestaan voor zover dit is afgeschermd door een geluiddicht scherm. Ook met geluiddicht scherm is er sprake van een overschrijding van de geluidniveaus die in de VNG-brochure worden gehanteerd. De gemeente hanteert deze brochure voor de beoordeling van het woon- en leefklimaat. De omwonenden stellen dat het ongepast is om een hogere norm acceptabel te achten om de simpele reden dat een vierde supermarkt gewenst is in de dorpskern. De Afdeling wijst erop dat dit niet het enige argument is. De gemeente heeft ook van belang geacht dat de overschrijding beperkt is en er een diversiteit aan geluid producerende functies is in de dorpskern. Al met al heeft de gemeente de overschrijding als aanvaardbaar mogen bestempelen. Schoolgebouw Vianen: ABRvS 20 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3175 Er wordt een nieuw schoolgebouw gerealiseerd, ter vervanging van een bestaand gebouw met twee scholen. In de nieuwe situatie wordt onderwijs gecombineerd met kinderopvang, peuterspeelzaal, BSO en andere sociaal maatschappelijke dienstverlening. Consequentie van de nieuwe indeling is dat de speelterreinen worden gecentreerd achter de woning van appellanten. Het gebruik wordt intensiever vanwege de gecombineerde functies. Hoewel aan de richtafstand van 30 meter uit de VNG-brochure wordt voldaan, heeft de gemeente toch akoestisch onderzoek uitgevoerd. Daarin is o.a. het geluid van spelende kinderen betrokken. Er is aansluiting gezocht bij de geluidrichtlijnen uit de VNG-brochure voor het gebiedstype rustige woonwijk. De maximale geluidniveaus voldoen aan de richtlijn van de VNG-brochure. Voor de langtijdgemiddelde niveaus is dit anders. In de vakantieperiode bedraagt deze 49 tot 50 dB(A) op de gevels van omliggende woningen, terwijl de aanbevolen richtwaarde 45 dB(A) bedraagt. De gemeente heeft deze geluidbelasting niettemin aanvaardbaar geacht. Daarbij is betrokken dat de geluidbelasting alleen in de dagperiode optreedt. Ook is uitgegaan van een worst-case scenario waarbij alle 60 kinderen 11 uur buiten zijn, een situatie die zich in werkelijkheid niet zal voordoen. Voorts is de geluidbelasting vanwege het wegverkeer hoger dan het geluid vanwege spelende kinderen. Ook in de bestaande situatie was sprake van een school met spelende kinderen waardoor het woon- en leefklimaat werd beïnvloed. Alles bij elkaar genomen is dit voldoende om de hogere geluidbelasting in de vakantieperiode aanvaardbaar te achten. Activiteitenbesluit Handhaving metaalverwerkingsbedrijf Nieuwkuijk: ABRvS 25 oktober 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2900 Een metaalverwerkingsbedrijf krijgt te maken met een handhavingsverzoek van een omwonende, die vooral last heeft van het ponsen met de pons- en lasermachine. Het college heeft dit verzoek afgewezen, omdat uit metingen van de omgevingsdienst niet blijkt van een overschrijding van de geluidgrenswaarden uit het Activiteitenbesluit. De rechtbank heeft het beroep van de omwonende gegrond verklaard, omdat de bedrijfsduur van het ponsen en daarmee de toeslag voor impulsachtig geluid niet op juiste wijze zou zijn vastgesteld. In hoger beroep komt dit weer uitvoerig aan de orde. Een belangrijke vraag is hoe aannemelijk het moet zijn dat de geluidnormen worden overschreden. De Afdeling stelt voorop dat het college alleen tot handhavend optreden kan overgaan als is vastgesteld dat zich daadwerkelijk een overschrijding van de grenswaarden heeft voorgedaan. Het college dient daartoe voldoende zorgvuldig onderzoek te (laten) verrichten, gebaseerd op de representatieve bedrijfssituatie. Blijkt daaruit niet dat er een overschrijding is, dan moet het verzoek worden afgewezen. Van het college kan niet worden gevergd dat het aannemelijk maakt dat een overschrijding van de grenswaarden onder alle omstandigheden uitgesloten is. De omgevingsdienst in kwestie heeft uitvoerig onderzoek gedaan. Er zijn continue metingen gedaan. De omwonende heeft een knop gekregen waarmee hij op de momenten dat hij tijdens de metingen de meeste hinder ondervond een geluidopname kon laten maken. In totaal zijn er 38 geluidopnames gemaakt. Op 13 daarvan is sprake van hoorbaar impulsachtig geluid van het ponsen. Voor het merendeel van de opnames geldt echter dat het gemeten equivalente geluidniveau dusdanig laag is dat zelfs met een toeslag van 5 dB voor impulsachtig geluid nog aan de norm werd voldaan. Slechts op één moment in de dagperiode zou er sprake kunnen zijn van een overschrijding als een toeslag van 5 dB zou moeten berekend. Het is niet mogelijk gebleken om voor die dagperiode uit de spectrale gegevens een bedrijfsduur van het ponsen af te leiden. Wel is berekend dat er pas een overschrijding zou zijn als er gedurende vier uur sprake was van hoorbaar impulsachtig geluid als gevolg van het ponsen ter plaatse van de woning. Op andere momenten is vastgesteld dat steeds in blokken van ongeveer 16 minuten werd geponst met een onderbreking van ruim 5 minuten. Het college heeft hieruit geconcludeerd dat geen overtreding kon worden aangenomen. De Afdeling oordeelt dat met dit onderzoek van de omgevingsdienst een voldoende representatief beeld is verkregen van de geluidniveaus die ter plaatse van de woning optreden. De gehanteerde werkwijze wordt geaccepteerd. Weliswaar kan ten aanzien van één tijdstip niet geheel worden uitgesloten dat zich een overtreding heeft voorgedaan, maar het kan ook niet meer met voldoende zekerheid worden vastgesteld. En zonder bewijs van een overtreding, kan het college niet handhavend optreden. De weigering van het college blijft daarom alsnog overeind. Binnenstedelijk watersportgebied Rotterdam: ABRvS 25 oktober 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2904 De gemeente Rotterdam heeft vergunning verleend voor het project Rif010. Een deel van de Steigersgracht te Rotterdam wordt afgesloten en omgevormd tot een watersportgebied, vooral bedoeld om te surfen. Daarnaast wordt horeca met een buitenterras gerealiseerd. De kloostergemeenschap van de Dominicanen is niet blij met deze ontwikkeling naast haar kerk. Ook enkele omwonenden roeren zich. Lees hier meer over deze uitspraak. Luchtvaart Geen woningbouw in beperkingengebied Schiphol: ABRvS 15 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3152 De gemeente Aalsmeer wil een woningbouwproject realiseren. Vier appartementen liggen binnen het beperkingengebied van Schiphol. De Minister heeft geweigerd een verklaring van geen bezwaar te verlenen. De gemeente betoogt onder andere dat de verklaring van geen bezwaar had moeten worden verleend, omdat de werkelijke geluidbelasting beperkt is. Het feitelijke gebruik van Schiphol komt namelijk niet geheel overeen met de scenario’s die zijn gebruikt in de berekeningen die ten grondslag liggen aan de vaststelling van het beperkingengebied. De gemeente wijst erop dat de appartementen aan de rand van het beperkingengebied liggen en de werkelijke geluidbelasting meerdere jaren achtereen relatief gering is. Dat zou op termijn tot aanpassing van de begrenzing van het beperkingengebied kunnen leiden. De Staatssecretaris heeft deze omstandigheid als een onvoldoende zwaarwegend belang aangemerkt om de verklaring van geen bezwaar te verlenen. Het is nog te onzeker of het beperkingengebied zal worden aangepast, ook omdat er nog berekeningen op basis van een andere methode moeten worden uitgevoerd. De gemeente slaagt er niet in om aan te tonen dat de Staatssecretaris in andere gevallen wel een verklaring van geen bezwaar heeft afgegeven vanwege de ligging aan de rand van het beperkingengebied met een lage werkelijke geluidbelasting. De weigering blijft overeind. |
| footer |