|
RIVM adviseert over mogelijkheden rekenmodel spoortrillingen |
|
RIVM, maart 2017
De aanleiding voor het onderzoek is de wens van de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu om te komen tot een uniform rekenmodel dat landelijk toepasbaar is en waarmee spoortrillingen kunnen worden beoordeeld zonder metingen uit te voeren. Met een uniform rekenmodel kunnen trillingseffecten in het kader van tracébesluiten eenduidiger en eenvoudiger voorspeld en getoetst worden. Ook kan eenduidig bepaald worden welke effecten maatregelen hebben. Het uniforme rekenmodel kan de huidige werkwijze, waarbij langdurige en kostbare metingen noodzakelijk zijn, vervangen zonder aan zorgvuldigheid in te boeten. Ook zorgt een uniform rekenmodel voor eenduidige uitkomsten, onafhankelijk van wie de berekeningen uitvoert. Bij tracébesluiten voor de aanleg, wijziging of het opnieuw in gebruik nemen van een landelijke spoorweg is de Beleidsregel trillinghinder spoor van toepassing. Daarvoor moeten trillingsniveaus bepaald worden op de vloeren van gebouwen, zoals woningen. Dit onderzoek richt zich op de bepaling van trillingsniveaus op de fundering van gebouwen. Voor het bepalen van trillingsniveaus op vloeren zal in een uniform rekenmodel nog een module moeten worden ontwikkeld. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van IenM. Het RIVM heeft de kwaliteit van 7 Nederlandse en 10 buitenlandse rekenmethoden beoordeeld. Het volledige rapport is hier te downloaden. Bron: RIVM |
| footer |