|
Woningbouw inpassen? Zorg voor uitvoerbare maatregelen |
|
Daniëlla Nijman, Holla Advocaten, maart 2017 In ons dichtbebouwde land zijn veel ruimtelijke ontwikkelingen afhankelijk van geluidmaatregelen. Vergeet niet de uitvoerbaarheid van die maatregelen voldoende te onderbouwen bij de vaststelling van het bestemmingsplan. Anders kan dat alsnog leiden tot een streep door de plannen, zoals de onderstaande casus laat zien. Woningbouw op veilingterrein Noord-Scharwoude De gemeente Langedijk wil op een deel van het voormalige veilingterrein woningbouw realiseren. De eigenaar van een nabijgelegen bedrijf voor staal- en machinebouw vreest voor negatieve gevolgen voor zijn bedrijfsvoering. Op basis van de VNG-brochure voor gemengd gebied heeft de gemeente een richtafstand van 50 meter aangehouden. Drie plandelen met de bestemming Wonen liggen binnen deze contour van 50 meter. Met een akoestisch onderzoek is de geluidbelasting van het bedrijf in kaart gebracht. Het bedrijf blijkt te kunnen voldoen aan de normen uit het Activiteitenbesluit voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau. Aan de normen voor de maximale geluidniveaus kan niet worden voldaan. De gemeente heeft hier twee oplossingen voor bedacht, die helaas allebei op problemen stuiten. Wat gaat er mis? Voorwaardelijke verplichting geluidscherm De eerste maatregel is de realisatie van een geluidscherm tussen de woningen en het bedrijf. In de planregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen om de realisatie van het geluidscherm af te dwingen. De gronden waar het geluidscherm moet komen hebben de bestemming Verkeer. Het bestemmingsplan blijkt op die gronden de oprichting van een geluidscherm niet toe te staan. Dit betekent dat de voorwaardelijke verplichting niet uitvoerbaar is en het beoogde geluidscherm de overschrijding van de norm uit het Activiteitenbesluit niet kan oplossen. Maatwerkvoorschriften De tweede oplossing die door de gemeente wordt voorgesteld is om maatwerkvoorschriften vast te stellen. Door een maximaal geluidniveau van 75 dB(A) toe te staan, zouden de gevels niet doof hoeven te worden uitgevoerd. Een dergelijk maatwerkvoorschrift is nog niet vastgesteld, maar de gemeente heeft wel een voornemen daartoe. Sinds enkele jaren accepteert de Afdeling dat het maatwerkvoorschrift pas na de vaststelling van het bestemmingsplan wordt opgelegd. Wel verlangt de Afdeling dat de raad er "op voorhand in redelijkheid van moet kunnen uitgaan dat de maatwerkvoorschriften stand kunnen houden in een beroepsprocedure". Daar gaat het mis. In het akoestisch onderzoek staat dat via maatwerkvoorschriften voor de werkzaamheden met de heftruck op het buitenterrein de woningen in voldoende mate kunnen worden beschermd en de bedrijfsvoering onbelemmerd kan plaatsvinden. De raad heeft echter niet inzichtelijk gemaakt dat de toename van 70 dB(A) naar 75 dB(A) stand zal kunnen houden. Ook is niet uitgesloten dat er andere maatwerkvoorschriften nodig kunnen zijn. De Afdeling betrekt daarbij dat voorschriften voor het gebruik van de heftruck gevolgen kunnen hebben voor de bedrijfsvoering van appellant. Hoewel dit uit de uitspraak niet blijkt, is het aannemelijk dat het bedrijf heeft aangegeven zich te zullen verzetten tegen dergelijke maatwerkvoorschriften. De Afdeling vernietigt het bestemmingsplan voor zover het de plandelen betreft met een woonbestemming binnen de 50 meter contour van het bedrijf van appellant. Er wordt geen bestuurlijke lus toegepast om de gemeente in de gelegenheid te stellen de gebreken te herstellen. Advies Neem in het bestemmingsplan ook een passende planologische regeling op voor de geluidmaatregelen die nodig zijn. Vooruitlopen op maatwerkvoorschriften die belastend kunnen zijn voor het bedrijf in kwestie? Onderbouw dan vooraf waarom een eventuele beroepsprocedure niet zal slagen. |
| footer |