Verhoging maximumsnelheid A2 van 100 naar 130 km/uur toegestaan

Daniëlla Nijman, Holla Advocaten, maart 2017

De Minister heeft een dynamische maximumsnelheid ingesteld op de rijksweg A2 tussen Vinkeveen en Maarssen. Hierdoor wordt de maximumsnelheid in de avond en nacht verhoogd van 100 km/uur naar 130 km/uur. De Afdeling verklaart de beroepen ongegrond. De gemeenten zijn teleurgesteld, wat is toegelicht in een ander artikel. Hieronder staat een analyse van de rechterlijke uitspraak.

De doorgewinterde deskundigen zullen niet verrast zijn door de uitkomst. Toch is de uitspraak lezenswaardig vanwege de uitleg die de Afdeling geeft over de systematiek van geluidproductieplafonds.

In 2012 is hoofdstuk 11 van de Wet milieubeheer in werking getreden en is een systematiek van geluidproductieplafonds geïntroduceerd. Langs de rijkswegen zijn referentiepunten vastgelegd waarvoor geluidproductieplafonds gelden. De geluidbelasting van de weg wordt niet langer op de gevels van woningen getoetst, maar op die referentiepunten. Bij het vaststellen van de geluidproductieplafonds is voorzien in een werkruimte van 1,5 dB, zodat er enige ruimte is voor een verdere toename van het verkeer.

Wat betekent dit voor het verkeersbesluit dat nu is genomen?

Toets aan geluidproductieplafond en signaleringswaarde

Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de snelheidsverhoging leidt tot een toename tot maximaal 0,7 dB. De geluidproductieplafonds die voor dit traject gelden worden niet overschreden. Ook de signaleringswaarde wordt niet overschreden. Deze signaleringswaarde ligt 0,5 dB onder het geluidproductieplafond. Bij overschrijding daarvan moet worden onderzocht op welke wijze overschrijding van het geluidproductieplafond kan worden voorkomen.

In de procedure wordt aangevoerd dat de maximale waarden van de geluidproductieplafonds zo dicht worden benaderd dat het verkeersbesluit had moeten voorzien in geluidbeperkende maatregelen. De Afdeling gaat daar niet in mee. Pas zodra de signaleringswaarde wordt overschreden kan dat aan de orde zijn. De Minister hoefde hierover evenmin een motivering op te nemen in het verkeersbesluit. Hetzelfde geldt voor de opvulling van de werkruimte. Deze werkruimte mag ook worden gebruikt voor een verhoging van de maximumsnelheid.

Effect geluidscherm ongedaan gemaakt

Een ander argument dat wordt aangevoerd is dat de voormalige gemeente Maarssen met een verhoging van het geluidscherm aanzienlijke kosten heeft gemaakt om het geluidniveau extra te beperken en de inwoners te beschermen tegen geluidhinder. Die investering wordt nu doorkruist door de verhoging van de maximumsnelheid.

Hoe vervelend dit ook is voor de omwonenden, voor de rechtmatigheid van het verkeersbesluit maakt dit geen verschil. De Minister heeft een grote mate van beoordelingsruimte en hoefde hieraan geen doorslaggevende betekenis toe te kennen.

Belemmering ruimtelijke ontwikkelingen

Tot slot wordt aangevoerd dat de snelheidsverhoging een belemmering oplevert voor ruimtelijke ontwikkelingen in de nabijheid van de A2. De gedachte is dat de bouw van geluidgevoelige objecten zou worden beperkt.

De Afdeling legt uit dat het verkeersbesluit hier geen invloed op heeft. Bij de nieuwbouw van geluidsgevoelige objecten zijn de regels van de Wet geluidhinder van toepassing. Bij het bepalen van de geluidsbelasting vanwege een weg vormen de geluidproductieplafonds het uitgangspunt. Dat betekent dat er altijd moet worden uitgegaan van een volledige benutting van de geluidproductieplafonds. De daadwerkelijke geluidbelasting kan lager zijn, maar juridisch maakt dat geen verschil. Een toename van de geluidemissie van het verkeer, waardoor de geluidproductieplafonds geheel of gedeeltelijk worden opgevuld, tast de mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen dus niet aan. Dit zou pas anders zijn zodra de Minister de geluidproductieplafonds had aangepast, maar dat is hier niet aan de orde.

Kortom, het is voor omwonenden moeilijk om op te komen tegen een snelheidsverhoging zolang de geluidproductieplafonds niet worden overschreden. Als het gaat om rechtsbescherming zullen zij daarom vooral alert moeten zijn zodra deze geluidproductieplafonds worden verhoogd of de referentiepunten worden gewijzigd bij het verbreden of verleggen van een weg.

Bron: ABRvS 8 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:622