"Betrouwbaarheid overheid loopt zware deuk op met 130 km/u A2"

Redactie, maart 2017

De minister van Infrastructuur en Milieu mocht de maximumsnelheid op de A2 tussen Vinkeveen en Maarssen in beide richtingen in de avond en nacht naar 130 km per uur verhogen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een uitspraak van 8 maart 2017 alle bezwaren tegen het verkeersbesluit van de minister ongegrond verklaard. Tegen de uitspraak is geen hoger beroep mogelijk. De analyse van de rechterlijke uitspraak staat in een ander artikel toegelicht in deze editie van Geluidnieuws. Hieronder gaat het met name over de reactie van de gemeenten.

De gemeenten Stichtse Vecht en De Ronde Venen zijn teleurgesteld: "Wij vinden: afspraak is afspraak. De betrouwbaarheid in de overheid loopt hiermee onder inwoners een zware deuk op. De minister kiest voor minimale tijdswinst, wij nog steeds voor een schoner milieu en een gezond en langer leven."

Verkeersbesluit

Eind 2012 stelde de minister een verkeersbesluit vast op grond waarvan op het traject tussen Vinkeveen en Maarssen in beide richtingen tussen 19.00 uur 's avonds en 06.00 uur 's ochtends in plaats van 100 km per uur, 130 km per uur gereden mag worden. De gemeenten Stichtse Vecht en De Ronde Venen kwamen hiertegen samen met een aantal inwoners van Maarssen al in beroep bij de rechtbank Midden-Nederland. De rechtbank verklaarde in december 2015 hun bezwaren ongegrond.

Bezwaren

De twee gemeenten en enkele inwoners van Maarssen hebben in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak tal van bezwaren aangevoerd tegen het verkeersbesluit. Zij vinden dat de minister een uitgebreid milieuonderzoek had moeten doen voordat zij tot de verhoging van de maximumsnelheid besloot. Verder vinden ze dat de minister meer rekening had moeten houden met de effecten op de natuur, de gezondheid van omwonenden en de verkeersveiligheid. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft alle bezwaren verworpen, waardoor het verkeersbesluit in stand blijft.

Beoordelingsruimte

Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft de minister beoordelingsruimte bij het nemen van een verkeersbesluit. Daarbij weegt de minister alle betrokken belangen af, waarbij politieke en bestuurlijke inzichten een belangrijke rol spelen. Het valt buiten de taak van de rechter om de waarde of het maatschappelijk gewicht van alle betrokken belangen naar eigen inzicht vast te stellen. Dat betekent dat de rechter slechts kan toetsen of de belangenafweging in dit geval 'zodanig onevenwichtig' is dat de minister het besluit niet in redelijkheid kon vaststellen.

Van een zodanige onevenwichtigheid is naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak hier geen sprake. Een lagere maximumsnelheid dan 130 km per uur is volgens het landelijke beleid alleen aan de orde wanneer dat uit een oogpunt van milieu of verkeersveiligheid nodig is. De minister heeft die belangen onderkend en afgewogen, nadat zij de benodigde onderzoeken heeft laten verrichten. De nadelige effecten van het verkeersbesluit op onder meer het woon- en leefklimaat blijven binnen de wettelijke normen en zijn niet zodanig 'dat de minister daaraan in redelijkheid doorslaggevende betekenis had moeten toekennen', aldus de hoogste algemene bestuursrechter.

Onbetrouwbaar

Wethouder Pieter de Groene (D66) van gemeente Stichtse Vecht: “De uitspraak is natuurlijk bijzonder teleurstellend voor tienduizenden inwoners van onze gemeenten. Wij vinden: afspraak is afspraak. Onder veel inwoners heerst het gevoel van onrechtvaardigheid. Hen werd in een prachtige folder met de titel ‘Beter en betrouwbaar’ een situatie voorgespiegeld, van 120 naar 100. Niet voor niets zijn afspraken gemaakt bij de wegverbreding op basis van milieuonderzoek. Het Rijk gaf daarin aan dat aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn, zoals de snelheidsverlaging van 120 naar 100 km per uur. Alleen zo bleven effecten op luchtkwaliteit, geluid en natuur aanvaardbaar. Al binnen 8 maanden werd er getornd aan de afspraken. De betrouwbaarheid in de overheid loopt daarmee onder inwoners een zware deuk op."

Strijdbaar

Wethouder David Moolenburgh (CDA): “We zijn inderdaad teleurgesteld, maar geven niet op. De minister kiest voor minimale tijdswinst, wij nog steeds voor een schoner milieu en een gezond en langer leven. Tot slot vragen we ons af wat een paar minuten tijdswinst oplevert, vergeleken bij het tijdsverlies door dichtgeslipte afritten op de A2, bijvoorbeeld bij Vinkeveen. Logischerwijs zou de focus meer daar moeten liggen dan op harder rijden. Als de snelheid ook overdag verhoogd wordt, zullen we als gemeenten wederom bezwaar maken, conform de bijna unaniem door alle partijen aangenomen moties in beide gemeenteraden.”

Lees hier de volledige tekst van de uitspraak met zaaknummer 201600733/1.

Bronnen: Raad van State, De Ronde Venen