VNG wijzigt model APV

VNG, 14 mei 2008

Het Activiteitenbesluit heeft gevolgen voor de geluidhinder- en verlichtingsbepalingen van de APV. Reden voor de VNG om de model-APV aan te passen.

De VNG publiceert mei 2008 een geheel herziene model-APV. Het is het beste om de wijzigingen in uw APV in één keer voor te leggen aan de gemeenteraad, wacht daar dus nog even mee.

De wijzigingen

  • Artikelen 4:1, 4:2, 4:3 en 4:6 hebben we aangepast aan het Activeitenbesluit. 
  • Artikel 4.5 (Onversterkte muziek) is nieuw. Het oude artikel 4.1.4 hebben we geschrapt omdat artikel artikel 174 van de Gemeentewet hier al in voorziet.

Artikel 4:5  Onversterkte muziek

  1. Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek, zoals bedoeld in artikel 2.18 lid 1f en lid 5 van het Besluit, binnen inrichtingen is de onder c. opgenomen tabel van toepassing.
  1. de in de tabel aangegeven waarden binnen in- of aanpandige gevoelige gebouwen gelden niet indien de gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen;
  2. de in de tabel aangegeven waarden op de gevel gelden ook bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein;
  3. de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden in geluidsgevoelige ruimten en verblijfsruimten;
    1. bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals vermeld in de tabel wordt geen bedrijfsduurcorrectie toegepast.
    2. Tabel

07:00–19:00 19:00–23:00 23:00–07:00 uur

LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen                         50 dB(A)           45 dB(A)           40 dB(A)

LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen                  35 dB(A)           30 dB(A)           25 dB(A)

LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen                         70 dB(A)           65 dB(A)           60 dB(A)

LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen                  55 dB(A)           50 dB(A)           45 dB(A) 

  1. Voor de duur van …. uur in de week is onversterkte muziek, vanwege het oefenen door muziekgezelschappen zoals orkesten, harmonie- en fanfaregezelschappen, in een inrichting gedurende de dag- en avondperiode uitgezonderd van de genoemde geluidsniveaus in lid 1.
  2. Indien versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte muziek en is het Besluit van toepassing.
  3. Het eerste lid geldt niet indien artikel 4:2 en of artikel 4:3 van deze verordening van toepassing zijn.

Toelichting op artikel 4.5

Dit artikel sluit aan op de artikelen 2.17 en 2.18 van het Besluit. Het artikel is alleen gericht op onversterkte muziek vanuit inrichtingen en niet buiten inrichtingen. Of er sprake is van een inrichting, wordt bepaald door de Wet milieubeheer.

In het Besluit is onversterkte muziek uitgezonderd van de algemene geluidsniveaus. Gemeenten hebben, in artikel 2.18, eerste lid, onder f  juncto vijfde lid, van het Besluit, expliciet de bevoegdheid gekregen om voor onversterkte muziek regels op te nemen in de Algemene Plaatselijke Verordening. Door het feit dat de hinderbeleving van onversterkte muziek zeker niet lager is dan die van versterkte muziek, dient deze op gelijke wijze te worden beschermd. De geluidwaarden kunnen door de gemeenten zelf worden bepaald. Het kan zijn dat u er de voorkeur aan geeft hogere waarden vast te stellen, bijvoorbeeld vanwege oude, meer gehorige panden. Deze keuze is aan de gemeente.

Om vooral amateurgezelschappen in niet professionele oefenruimtes de kans te geven tot het hobbymatig beoefenen van onversterkte muziek, is voor hen in lid 2 een mogelijkheid gecreëerd om een aantal uur in de week uitgezonderd te zijn van de geluidsniveaus. In artikel 2 wordt gesproken over ‘oefenen’. Op deze manier worden festiviteiten en optredens voor publiek uitgesloten. Er is sprake van oefenen als men muziek maakt zonder dat er publiek aanwezig is.

De genoemde geluidsniveaus in tabel c zijn niet van toepassing op;

a. het geluid ten behoeve van het oproepen tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging of het bijwonen van godsdienstige of levensbeschouwelijke bijeenkomsten en lijkplechtigheden, alsmede geluid in verband met het houden van deze bijeenkomsten of plechtigheden;

b. het geluid van het traditioneel ten gehore brengen van muziek tijdens het hijsen en strijken van de nationale vlag bij zonsopkomst en zonsondergang op militaire inrichtingen;

c. het ten gehore brengen van muziek vanwege het oefenen door militaire muziekcorpsen in de buitenlucht gedurende de dagperiode met een maximum van twee uren per week op militaire inrichtingen.

Meer informatie

Bron: Website VNG, met dank aan Erik Roelofsen

home...