Kabinetsreactie op Geluid in de Milieubalans 2007

Ministerie van VROM, J. Kramer, 18 september 2007

Minister Kramer reageert per brief aan de Tweede Kamer op de Milieubalans 2007 (Zie hier het artikel in Geluidnieuws daarover)

Het kabinet constateert met het MNP met genoegen dat de hoeveelheid woningen met hoge geluidsniveaus (meer dan de grenswaarde) afneemt. Helaas moet ook geconstateerd worden dat het aantal gebieden waar het stil is afneemt en dat er veel mensen leven op plaatsen waar het geluidsniveau boven de voorkeurswaarde ligt. Deze laatste groep neemt zelfs nog toe. Het is bekend dat te veel geluid gezondheidsschade veroorzaakt. Geluid treft zeer veel mensen. Het is dan ook niet voor niets dat geluid als tweede milieu-item staat genoemd wanneer gerangschikt wordt naar ziektelast (na fijn stof). Dit leidt tot hoge maatschappelijke kosten.

Het kabinet realiseert zich dan ook dat bij geluid helaas nog geen sprake is van ontkoppeling, ook al bewerkstelligen de huidige maatregelen voor geluid dat het effect van de toename van verkeer grotendeels te niet wordt gedaan.

Geluid is geen puur lokaal probleem; iedere overheidslaag moet hierbij zijn eigen verantwoordelijkheid nemen: zowel op lokaal niveau (de meeste woningen met hoge geluidsniveaus liggen langs gemeentelijke wegen) als (inter)nationaal.

Daarnaast wordt verwacht dat ook andere maatschappelijke partijen hun verantwoordelijkheid nemen.

Bronbeleid

Op nationaal niveau stimuleert het kabinet bronbeleid met het Innovatieprogramma Geluid. Diverse kostenefficiënte geluidsmaatregelen (zoals stille wegdekken, raildempers en nieuwe remsystemen voor railvoertuigen) worden reeds in de praktijk toegepast en zijn gereed om grootschalig geïmplementeerd te worden. Voor de stille banden is inmiddels een publieks­campagne gestart om de toepassing ervan te stimuleren. Voor het spoor zal naar verwachting in 2008 een geluidsgedifferentieerde gebruiksvergoeding worden ingevoerd om de toepassing van stil materieel te stimuleren.

Internationaal worden de limieten voor de geluidsproductie van voertuigen en mobiele machines in EU-verband vastgesteld. Bekend is dat er nog een flinke slag gemaakt kan worden, bijvoorbeeld met de geluidslimieten voor autobanden. De druk op de Europese Commissie is opgevoerd om de aanpassing op relatief korte termijn door te voeren, conform het advies dat op verzoek van de Commissie is opgesteld. Duitsland heeft aangegeven dit standpunt te steunen. Daarnaast wordt samen met onder andere Duitsland ingezet op een gezamenlijke aanpak om de toepassing van stil materieel op het spoor te stimuleren.

Wanneer de EU-regelgeving adequaat ontwikkeld en toegepast wordt zullen de kosten voor maatregelen op lokaal en nationaal niveau dalen.

Op grond van de EU-richtlijn Omgevingslawaai en de Wet geluidhinder zijn geluidskaarten opgesteld en worden momenteel actieplannen voorbereid. Deze actieplannen geven aan hoe te hoge geluidbelastingen kunnen worden teruggebracht en welke maatregelen zullen volgen.

Op rijksniveau is €650 miljoen uitgetrokken voor de periode 2011 – 2020 om extra in te zetten op de aanpak van locaties met hoge geluidsniveaus vanwege de rijksinfrastructuur.

De problematiek van luchtkwaliteit wordt mede bepaald door de emissies van wegverkeer. Het oplossen van luchtknelpunten zal dan ook in samenhang met het oplossen van geluidsknelpunten plaatsvinden. Geluidsschermen kunnen zowel voor lucht- als geluidsproblemen effectief zijn.

Schiphol

Het MNP geeft aan dat veel milieuwinst te boeken is door het vliegen over bewoond gebied in het zogenaamde buitengebied te verminderen. Het kabinet vindt het binnengebied ook erg belangrijk en wil niet dat extra vluchten een toename (boven het maximum van de gelijkwaardige bescherming) van het aantal ernstig gehinderden binnen de (geactualiseerde) 58 dB Lden-contour veroorzaakt.

Het MNP gaat in op het actualiseren van de criteria voor een gelijkwaardige bescherming van de omgeving van Schiphol. Op basis van onderzoek komen de ministeries van VenW en VROM tot een andere conclusie dan het planbureau.

In een brief hierover aan de Tweede Kamer (25 mei 2007) wordt uiteen gezet dat de geactualiseerde criteria de omgeving een gelijkwaardige bescherming bieden; de cijfers waarin de bescherming wordt uitgedrukt zijn veranderd omdat de berekening is gemoderniseerd. Tijdens het Algemeen Overleg (26 juni 2007) is met de Tweede Kamer overlegd over de gelijkwaardigheidcriteria. Gelet op de verschillen in zienswijze zijn de nieuwe grenswaarden in het ontwerpwijzigingsvoorstel voor het luchthavenverkeerbesluit getoetst aan zowel de oude als de geactualiseerde criteria.

Het kabinet is er geen voorstander van dat er (weer) een geheel ander stelsel van milieunormering zou moeten komen. Wel is het kabinet in samenspraak met betrokkenen en het MNP een verkenning gestart naar mogelijke verbeteringen van het normen- en handhavingstelsel. Dit mede naar aanleiding van de inbreng van het MNP en het kabinetsstandpunt Schiphol.

Het kabinet is er zich van bewust dat niet-akoestische factoren een rol spelen bij de waardering van de ondervonden geluidbelasting. Eén van de niet-akoestische factoren is het wantrouwen van omwonenden jegens de luchthaven en de overheid. Het kabinet verwijst in dit verband naar de overlegtafel onder leiding van de heer Alders waar alle partijen gezamenlijk werken aan adviezen aan de Ministers van V&W en VROM over de toekomst van de luchthaven.

Bovenstaande neemt niet weg dat het geluidsniveau het eerste en ook het meest objectief vast te stellen aangrijpingspunt vormt om geluidshinder vast te stellen. Daarmee vormt dit een geschikt aangrijpingspunt voor het beleid met betrekking tot de hinder van vliegverkeer.

Bron: Parlando

home...