Voorbereiding op EU Milieuraad: Europese Milieu Agenda

Ministerie van VROM, oktober 2005

In de Europese Milieu Agenda richt VROM zich op de Europese milieupijler van duurzame ontwikkeling, meer specifiek afgebakend tot die milieudossiers die de komende anderhalf jaar in Brussel in de Milieuraad zullen spelen.

Over "geluid" staat in deze agenda het volgende:

Ca 100 miljoen mensen in de EU ondervinden ernstige overlast vanwege weg- en spoorverkeerlawaai. Deze overlast uit zich in gezondheidsklachten en vormen van hinder. Op nationaal of lokaal niveau kunnen maatregelen getroffen worden in de overdracht van geluid (schermen of wallen) of bij de ontvanger ervan (gevelmaatregelen). Het is aangetoond dat het meer kostenefficiënt is om de bron van het geluid aan te pakken. Voor Nederland is berekend dat door toepassing van bronmaatregelen miljarden kunnen worden bespaard.

De toepassing van de bronmaatregelen kan via geluidemissienormering voor (onderdelen van) voertuigen worden afgedwongen. Een belangrijk onderdeel vormt de testmethode van de (onderdelen van) voertuigen. De regelgeving voor geluid wordt momenteel op EU- en UN/ECE-niveau ontwikkeld. De ontwikkeling binnen de EU van de geluidemissienormen is niet primair gericht op beperking van de geluidemissie. Het doel is veelal harmonisatie zodat er geen handels- en gebruiksbeperkingen zijn. Vanuit deze achtergrond is er vooral inbreng in de raadswerkgroepen vanuit de industrie, en minder vanuit de milieuhoek van de Commissie, en milieuministeries van de lidstaten, terwijl het belang voor milieu toch zeer groot is.

Onder Nederlands voorzitterschap is gepleit voor een betere milieu-inbreng, besluitvorming op politiek niveau maar ook voor betere testmethoden. Ook wordt een evaluatie van de Richtlijn bandenlawaai bepleit, conform bepalingen de Richtlijn zelf. Aan de hand van zo’n evaluatie en daaruit voortvloeiende acties zou – mede door betere testmethodes - de geluidsoverlast aanzienlijk kunnen verminderen. De high-level group CARS21 heeft als één van de doelstellingen om te bezien of overheveling van regelgeving naar UN/ECE kan plaatsvinden. Dit zou niet in het belang van het geluidsbeleid zijn, omdat daarbij de ‘verworvenheden’ van de EU-procedures zouden verloren gaan (inbreng EP, besluitvormingsprocedures). Nederlandse inzet de komende periode

De Nederlandse inzet zal zijn om op nationaal niveau alle beschikbare middelen in te zetten, dat wil zeggen het ontwikkelen en toepassen van technische oplossingen zoals een nog beter wegdek en afspraken over toepassing van stillere banden; en financiële instrumenten. Een voorbeeld daarvan is het differentiëren van de gebruiksvergoeding op het spoor, al naar gelang de geluidsbelasting van de trein(en). Op internationaal niveau zal Nederland blijven streven naar betere normen en testmethoden die kunnen bijdragen aan de bespreking van de overlast door geluid (gezondheidsschade en hinder) en de vermindering ervan. Tevens zullen alternatieven worden aangedragen, zoals alternatieve testmethoden en alternatieve bandensoorten.

Bron: Parlando

home...