Ministerie van Verkeer en Waterstaat, 24 maart 2004
In een brief aan de Tweede Kamer gaat de minister van Verkeer en Waterstaat, Carla Peijs, in op het geluid van de Calandbrug. De Calandbrug is wellicht niet sterk genoeg om de nodige geluidsmaatregelen te dragen.
Uit de door ProRail in het najaar van 2002 uitgevoerde berekeningen bleek dat de Calandbrug de voorgestelde geluidsmaatregelen mogelijk niet zou kunnen dragen. ProRail heeft naar aanleiding van deze uitkomsten de beheerder van de brug, Rijkswaterstaat, geïnformeerd. Vervolgens heeft Rijkswaterstaat meerdere onderzoeken uitgevoerd.
Inzet is er nu op gericht om op basis van de verschillende onderzoeken een integraal beeld te maken ten aanzien van algehele sterkte van de brug. Op basis daarvan moet duidelijk worden wat de omvang van de problematiek is en welke oplossingen mogelijk zijn. Het eindresultaat van deze integratie wordt begin juni verwacht.
Uit het onderzoek dat momenteel wordt afgerond lijkt zich af te tekenen dat de Calandbrug moet worden versterkt om enerzijds de geplande geluidswerende voorzieningen aan te kunnen brengen, en anderzijds het treinverkeer tot 2020 af te kunnen wikkelen. Begin juni 2004 verwacht ik meer concreet inzicht te hebben welke versterkingsmaatregelen nodig zijn en welke kosten daarmee samenhangen.
De minister streeft ernaar zo spoedig mogelijk opdracht voor uitvoering te geven, zodat de werkzaamheden zo snel mogelijk kunnen worden afgerond.
Vast staat dat aan de wettelijke geluidsnormen moet worden voldaan. De wijze waarop en met welke maatregelen aan de vastgestelde geluidsnormen moet worden voldaan is opgenomen in het bestuurlijk convenant met de gemeente. Dit convenant is niet ondertekend maar er is wel bestuurlijke overeenstemming over. Een keuze voor andere dan de nu geplande maatregelen, zal dus bestuurlijk goed gemotiveerd moeten worden.
Bron: website ministerie van Verkeer en Waterstaat, www.minvenw.nl