Persbericht Stichting Natuur en Milieu, Utrecht, 6 december 2000
De Zuiderzeelijn, een snelle spoorverbinding tussen de Randstad en het noorden van het land, scoort slecht op alle punten. Stichting Natuur en Milieu en de milieufederaties van de zes betrokken provincies*) komen tot deze conclusie op grond van de onlangs door het ministerie van Verkeer en Waterstaat gepubliceerde Verkennende studie naar vier varianten van de spoorlijn. Qua werkgelegenheid valt geen winst te boeken. Er wordt wel veel nieuwe mobiliteit gegenereerd. De schade voor natuur, milieu en landschap is aanzienlijk en financieel zal de spoorlijn een zorgenkindje blijven. De organisaties vragen minister Netelenbos van Verkeer en de provinciale besturen niet halsoverkop een besluit te nemen tot aanleg. De volgende fase in het besluitvormingsproces, de Planstudiefase, kan wat hen betreft nog niet worden gestart. Zij pleiten voor het eerst uitwerken van een brede investeringsstrategie met gerichte investeringen in een fijnmazig openbaar vervoer waarmee de beoogde doelen wél kunnen worden gerealiseerd.
Het kabinet had met de Zuiderzeelijn een aantal doelen voor ogen. De nieuwe spoorlijn moet zorgen voor versterking van de werkgelegenheid in Noord-Nederland, verbetering van de bereikbaarheid van Randstad vanuit het noorden en omgekeerd, en vermindering van de congestie (woon-werkverkeer) in de Randstad. Uit de verkennende studie van blijkt dat de vier bestudeerde varianten op al deze punten slecht scoren. Het project leidt tot een beperkte herverdeling van economische bedrijvigheid met geringe positieve effecten voor het noorden en zelfs negatieve effecten voor Drenthe, Gelderland en Overijssel. De spoorlijn zal nauwelijks autoverkeer vervangen, maar vooral extra mobiliteit genereren. De varianten vertonen in deze opzichten wel duidelijke verschillen. Geheel nieuwe tracé's scoren slecht. De variant verbeterd spoor (Hanzelijn-plus) komt er relatief het best af.
Vooral de uitvoering als magneettrein scoort erg slecht (hoog energiegebruik, grote landschapsaantasting en geluidproductie en een enorm tekort van ca. acht miljard gulden). Er is dus geen enkele aanleiding om voor een magneettrein te kiezen. De organisaties dringen aan niet te zwichten voor de sterke lobby voor deze variant.
De milieuorganisaties pleiten voor een brede investeringsstrategie in plaats van een Zuiderzeelijn. Dat betekent gerichte investeringen in het regionaal en stadsgewestelijk openbaar vervoer in Randstad en Noord-Nederland. Daar zijn de ruimtelijk-economische structuur van Noord-Nederland en de verstopte Randstad wel echt bij gebaat. Er is geen behoefte aan een prestigeproject, maar aan een verstandig en doeltreffend gebruik van publieke middelen.
*) Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Flevoland en Noord-Holland
Bbron website Stichting Natuur en Milieu